Het robotziekenhuis

Opa noemt het robotje Opticom dat bij hem woont altijd Rocom. Dat vindt opa leuker en niet zo’n lange naam als hij hem moet roepen. Rocom kijkt uit het raam en denkt na over wat hij vandaag zal gaan doen. ‘Verveel je je Rocom?’ vraagt Opa. ‘Ik weet nog wel een klusje voor je om te gaan doen, appels plukken.’ Rocom eet zelf geen appels, maar opa vindt ze heel erg lekker. Hij eet ze gewoon uit de hand of hij maakt er appelmoes van. Soms bakt opa een appeltaart en dan mag Rocom helpen met beslag kloppen. ‘Ja opa, dat vind ik leuk,’ zegt Rocom en hij staat direct op om aan het werk te gaan. ‘Alleen van de onderste takken plukken hoor, anders kan je lelijk vallen,’ zegt opa. ‘Ja opa, ik zal heel voorzichtig doen,’ was het antwoord van Rocom.

De appelboom zit helemaal vol appels en Rocom heeft al snel een mand vol geplukt. Dat gaat best wel makkelijk omdat de onderste takken niet zo hoog hangen en hij er dus heel goed bij kan om te plukken. De mand wordt voorzichtig in een speciaal appelkistje geleegd. Dan kijkt hij omhoog en ziet daar nog veel meer appels hangen, veel groter en nog mooier. Maar ja, hoe komt hij daar bij. Dan ziet Rocom het trapje dat opa altijd gebruikt om de ramen te zemen en dat is vast hoog genoeg, denkt hij.

Rocom is vergeten dat opa heeft gezegd dat hij alleen van de onderste takken mag plukken. Rocom zet het trapje onder de appelboom, klimt er op en gaat verder met plukken. Dat gaat ook makkelijk en al snel heeft Rocom weer een mand vol. Ook deze mand wordt in het appelkistje geleegd.

Nog hoger in de boom ziet Rocom veel meer mooie grote appels en die wil hij natuurlijk ook in de mand doen. Rocom klimt op het trapje en rekt zich uit naar een hoge tak. Oei, daar verliest Rocom zijn evenwicht. Hij kan zich nergens aan vast pakken en Rocom valt boem, knal, bots… naar beneden. ‘Auw…’ dat doet pijn.

Opa hoort het kabaal en komt snel aanlopen. Hij ziet Rocom onder de appelboom liggen met een flinke deuk in zijn hoofd. Het trapje is bovenop hem gevallen, maar dat is nog niet het ergste, opa ziet ook dat Rocom zijn voet helemaal scheef onderaan zijn been zit. ‘Je voet is gebroken is Rocom,’ zegt opa. ‘Ik ben bang dat je naar het robotziekenhuis moet.’ Gelukkig is het niet zo heel ernstig en hoeft er geen ziekenauto te komen. Voorzichtig wordt Rocom in de auto van opa gezet en gaan ze samen naar de stad, naar het robotziekenhuis.

In het robotziekenhuis is Rocom al snel aan de beurt. Er zijn vandaag niet veel andere robotjes met een ongeluk en dat is weer een geluk voor Rocom. De dokter onderzoekt Rocom en test of alles nog goed werkt. Oei, dat zijn voet gebroken was, dat had opa al gezegd, maar de dokter zei ook dat zijn centrale processor is verschoven. Rocom heeft ook een processorschudding en dat betekent dat hij vannacht in het robotziekenhuis moet blijven. Wel een tegenvaller, maar natuurlijk ook wel weer spannend om allemaal mee te maken.

De dokter maakt zijn voet weer helemaal in orde en ook de deuk in zijn hoofd wordt gerepareerd. Dan moet hij op bed gaan liggen, in een kamer met nog een ander robotje. Wel gezellig denkt Rocom, dan heeft hij ook nog wat te kletsen. Maar helaas, Rocom zijn hoofd moet rusten en dan mag hij dus niet praten. Dat is wel een kleine tegenvaller, maar gelukkig zijn er twee lieve verpleegsters die Rocom enorm verwennen. Rocom krijgt een glaasje olijfolie en wordt van top tot teen schoongemaakt en opgepoetst. Daarna worden zijn batterijen op de lader aangesloten en moet Rocom gaan slapen.

De andere dag is opa er al vroeg. ‘Ben je al iets beter Rocom?’ vraagt opa. Rocom denkt het wel, want alles werkt weer goed. Zijn voet zit weer recht, de deuk is uit zijn hoofd en hij zit weer helemaal vol energie. ‘Ja opa, ik ben weer helemaal beter.’ zegt Rocom ‘Het is hier wel gezellig, maar ik wil toch wel weer naar huis.’

De verpleegster helpt Rocom overeind en zegt ‘Rocom, je moet nog wel een poosje rustig aan doen hoor. Je opa moet je ook maar een beetje extra verwennen en geen appels meer laten plukken.’ Daar is Rocom het helemaal mee eens en samen met opa gaat hij snel naar huis.

Thuisgekomen wordt Rocom door opa in de tuin op een stoel gezet, vlak bij de appelboom. ‘Rocom, je mag van de verpleegster geen appels meer plukken, maar daar staat ook nog een perenboom… dus als je je nog verveelt…’ zegt opa met een brede glimlach. ‘Een grapje hoor,’ voegt hij er snel aan toe, maar Rocom kan er niet om lachen en zegt ‘Dat is geen grappig grapje hoor opa!’

<- Robotjes avonturen