Voetbal is een jongensding

‘Wat ga je doen vandaag Rocom?’ vraagt opa, want hij noemt het robotje Opticom altijd Rocom. Dat klinkt een beetje vriendelijker. Rocom weet eigenlijk nog niet wat hij gaat doen. Het is geen mooi weer, de zon is verstopt achter een paar grote donkere wolken en het lijkt erop of het elk moment kan gaan regenen. Nou, dat is niets voor Rocom, want een robot en regenen hoort niet echt bij elkaar. Misschien fietsen, maar dat kan hij eigenlijk nog niet echt. Misschien vissen, maar dat heeft hij pas nog gedaan. Misschien gamen, maar dat heeft hij gisteren ook al gedaan en teveel gamen is heel slecht voor zijn interne geheugen en zijn ogen, zegt opa altijd.

Hij weet het opeens en zegt ‘Opa, ik ga voetballen achter het huis.’ Opa vindt dat wel een goed idee en zegt snel, vlak voordat Rocom de achterdeur uitloopt ‘Niet al te vies worden hoor.’ Maar Rocom hoort het al niet meer.

Voetballen doe je meestal met vriendjes, maar die heeft Rocom niet zo veel. Nou ja, Liesje van de buren, daar speelt Rocom wel heel vaak mee, maar voetbal is een echt jongensding en dus niets voor meisjes, vindt Rocom. Ook is helemaal alleen voetballen eigenlijk best wel leuk. Er loopt dan niemand in de weg en kan je dus veel meer doelpunten maken.

Achter het huis staat nog een heel mooi voetbaldoel. Dat is nog van toen opa klein was en daarmee kan je heel goed voetballen. De bal ligt ergens in de schuur en Rocom heeft hem al snel gevonden. Het voetballen kan beginnen.

Rocom maakt de afstand tussen hem en het doel steeds een stapje groter. Dat betekend wel dat hij ook steeds harder tegen de bal moet schoppen. Hij heeft al negen doelpunten gemaakt, nu snel de tiende. Rocom neemt een hele lange aanloop om nog harder te kunnen schoppen. Hij schopt tegen de bal en… oei… rinkeldekinkel… Dat is niet zo mooi. De bal vliegt knalhard door de ruit van opa zijn slaapkamerraam. Het hele raam is aan gruzelementen en er vallen allemaal glassplinters op het gras.

Opa heeft de knal natuurlijk ook gehoord en komt kijken wat er aan de hand is. ‘Drommels, wat heb je nou gedaan Rocom?’ Opa is wel een beetje boos, vooral omdat hij heel erg geschrokken is. Hij kijkt naar het kapotte raam, naar de glasscherven op de grond en dan naar de verdrietige Rocom. ‘Ach Rocom, je zal het vast niet expres hebben gedaan, want zo goed kan jij natuurlijk niet mikken,’ zegt opa glimlachend. Gelukkig, opa is al helemaal niet boos meer en samen ruimen ze snel de scherven op en de bal wordt onder het bed van opa vandaan gehaald.

‘Zal ik eens een potje mee voetballen?’ vraagt opa. Dat vindt Rocom heel erg leuk en snel worden de spelregels aangepast. ‘We gaan om de beurt tien keer schieten en wie de meeste ballen in het doel schiet, is de winnaar,’ legt Rocom uit.

Rocom begint en met een mooie schop knalt hij de bal in het doel. Nu is opa aan de beurt. Opa legt de bal neer, neemt een aanloop en dan… oei… rinkeldekinkel… Dat is niet zo mooi. De ruit van het andere raam is opeens ook aan gruzelementen. Maar het is deze keer niet de bal die door het raam vliegt, maar een klomp. Opa loopt altijd op klompen en omdat opa niet zo heel erg goed meer kan voetballen, vloog zijn klomp uit en ging die met een sierlijke boog door het raam van Rocom zijn slaapkamer.

Rocom wist niet goed hoe hij moest kijken. Eigenlijk wilde hij heel hard lachen, maar toen hij het gezicht van opa zag, die nog donkerder keek dan de grote donkere wolken in de lucht, toen durfde hij dat niet.

‘Wat is hier allemaal aan de hand?’ zegt opeens een bekend stemmetje achter Rocom. ‘Hoi Liesje, we zijn aan het voetballen, maar er gaat steeds iets mis,’ zegt Rocom. Liesje kijkt naar de twee kapotte ramen, dan naar opa die op één klomp hinkelt en begint dan heel hard te lachen. Het is ook zo’n grappig gezicht. Het duurt niet lang of Rocom en opa lachen ook mee, want het is allemaal best wel grappig om te zien. De ramen worden dicht getimmerd met een paar planken, de laatste glasscherven worden opgeruimd en de klomp van opa wordt onder het bed van Rocom vandaan gehaald.

‘Wil je met mij voetballen Liesje?’ vraagt Rocom. Liesje knikt, dat wil ze wel. Opa gaat weer naar binnen en Rocom en Liesje beginnen aan hun voetbalwedstrijd. De bal wordt op tien grote stappen van het doel gelegd en om de beurt proberen ze om de bal in het doel te schieten. Rocom begint en kijkt in het rond alsof hij Johan Cruijff zelf is. Dan neemt hij een aanloop en schiet… net naast! Dan is Liesje aan de beurt. Ze legt de bal neer en schiet direct zonder aanloop de bal precies midden in het doel. Daarna mogen ze allebei nog negen keer schieten. Rocom schiet er vijf in het doel en als Liesje de laatste bal schiet – die ook in het doel gaat – juicht ze blij. ‘Gewonnen Rocom, tien tegen vijf en alle andere ramen zijn nog heel!’

Rocom lacht als een boer met kiespijn, hoewel Rocom geen idee heeft zo’n boer lacht…😏 Hij ziet nu wel dat meisjes eigenlijk net zo goed kunnen voetballen dan jongens. Eigenlijk veel beter, maar dat durft hij niet hardop te zeggen. Misschien is voetbal dan toch ook wel een meisjesding.

<- Robotjes avonturen